FAQ Methodologiewinkel


zoek op rubriek:
Uitleg.
Laatstgestelde vragen.
Stel een vraag.
MethodologieWiki
Mixed design ANOVA met contrasten
2008-12-30
Ik zit even helemaal in de knoop met de uitkomsten van een Mixed design ANOVA met contrasten en hoop dat jullie enkele vragen voor mij kunnen beantwoorden:

1. Als er wl een significant hoofdeffect is van een contrast (vertrouwen) met de afhankelijke variabele (naleven maatregel), maar geen interactie-effect, wat betekent dit dan precies? Moet ik met contrasten berhaupt wel kijken naar interactie-effecten of alleen of er sprake is van een hoofdeffect?
2. Eigenlijk hetzelfde als hierboven, maar dan exact andersom: wat betekent het als er geen hoofdeffect voor een contrast op de afhankelijke variabele is, maar wl een interactie-effect?? Wat kan je hierover dan zeggen?
3. En als er een hoofdeffect is voor een contrast, hoe weet ik dan wat voor een effect dit is? Hoe kan ik zien of mijn contrast (vertrouwen) de score van de afhankelijke variabele juist omhoog of omlaag haalt? Houdt dit verband met de variantie? Maar hoe leg ik dit dan uit en hoe vind ik dit?
4. Als er n geen interactie-effect n geen hoofdeffect is voor een onafhankelijke variabele(n) (sanctiezwaarte, 2 niveaus, mild of zwaar), wat betekent het dan als er bij de vergelijking van contrasten, n contrast wl significant is en en de andere juist niet? Hoe verklaar ik dit? (dus met repeated contrast is 'level 1 vs level 2' wel significant, maar 'level 2 vs level 3' niet)

Ik snap hoe de berekeningen e.d. uitgevoerd moeten worden, maar heb ontzettend moeite om de uitkomsten om te zetten in woorden, dan raak ik volledig in de knoop. Ik zou ontzettend blij zijn als iemand mij wat duidelijkheid kan verschaffen hoe ik deze uitkomsten met een mixed design anova precies moet verklaren.

Joyce
Beste Joyce,

1.Wanneer er een significant hoofdeffect is betekent dit dat je onafhankelijke variabele een significantie invloed uitoefent op je afhankelijke variabele. Een interactieeffect betekent dat het effect van een van je onafhankelijke variabelen verschilt per niveau van een andere onafhankelijke variabele. Deze dingen kun je dus los van elkaar interpreteren (al kan een interactieeffect er soms voor zorgen dat je geen hoofdeffect vindt). Wanneer je met contrasten of post-hoc toetsen na een Anova kijkt naar specifieke effecten, kijk je meestal alleen naar effecten die significant bleken. Met contrasten ga je dan kijken hoe groepen precies van elkaar verschillen.

2. Voor de interpretatie van een interactieeffect ben je eigenlijk altijd afhankelijk van grafieken. Eventueel kun je ook complexere analyses doen zoals een moderatoranalyse om het verband duidelijk te krijgen maar dat is niet in alle gevallen nodig. Verder geldt ook hier dat je vaak het interactieeffect en hoofdeffect los van elkaar kunt bekijken tenzij uit je plot blijkt dat het hoofdeffect niet te vinden in door je interactieeffect (wanneer de lijnen elkaar zodanig kruisen dat de effecten elkaar uitwissen).

3. Het interpreteren van een contrast doe je door te kijken naar de gemiddelden in de groepen die je vergelijkt. De significantie van een contrast heeft (onder andere) te maken met de variantie maar de interpretatie hangt meestal alleen af van de gemiddelden.

4. Bij 4 snap ik niet helemaal wat je hebt gedaan, hoe kun je twee contrasten hebben wanneer je onafhankelijke variabele maar 2 niveau's heeft?

Als het je nog niet helemaal duidelijk is kun je er misschien eens een boek bijpakken (zoals discovering statistics van Andy Field) of eens langskomen in de winkel om samen de interpretatie te bespreken.

Groet,
Linda